J-H,  3e van de 40 dagen,  zondag Oculi, 8 maart 2015

voorganger: ds. F. de Hoop organist: F. van der Hauw

 

Welkom en mededelingen

 

Stil gebed

 

Intochtslied: Psalm 19: 1 en 3 De hemel roemt de Heer

 

Votum en Groet

 

Zondag Oculi

Ps 25: 15

Ik houd mijn oog gericht op de HEER

 

Zingen: Psalm 25: 7 en 9 Gods verborgen omgang vinden

 

De tien woorden als smeking

 

Zingen: NL 974: 1, 3 en 5 Maak ons uw liefde, God, tot opmaat van het leven

 

Gebed bij de opening van de Schriften

 

Zingen:  “Wij zijn hier samen om te horen” op de melodie van psalm 118

 

Wij zijn hier samen om te horen

naar wat U ons te zeggen heeft:

hoe U met uitgesproken woorden

Uw heil in onze levens weeft.

Laat ons Uw boodschap zo begrijpen

dat wij daarin Uw stem verstaan

en steeds meer het besef zal rijpen

hoezeer wij U ter harte gaan.

 

Moment met de kinderen

 

Eerste lezing: 1 Kon. 3: 16-28

 

Tweede lezing: Johannes 2: 13-22

 

Zingen: NL 313: 1 en 2 Een rijke schat van wijsheid schonk God ons in zijn woord

 

Preek

 

Orgelspel

 

Zingen: NL 517: 1 en 3 Christus, uit God geboren

 

Gebeden

Collecte

 

Slotlied : NL 919: 1, 2 en 4 Gij die alle sterren houdt

 

Zegen: afgesloten met  (3x zingend amen)

 

 

J-H, Eerste zondag van de veertigdagentijd, 22 februari 2015

Voorganger: F. de Hoop Organist: K. Booy kleur: paars

 

Welkom en mededelingen

 

Stil gebed

 

Intochtslied: NL 25a Mijn ogen zijn gevestigd op God, of Hij mij redt

 

Votum en Groet

 

Zingen: NL 859: 1, 2 en 3 Schuldig staan wij voor U, Heer

 

Genadeverkondiging

 

Zingen: NL 345: 1 Gij hebt uw woord gegeven

 

Gods levensregels (Exodus 20)

 

Zingen: NL 345: 2 Nu ik U heb gegeven


Gebed

 

Zingen: NL 345: 3 God, die uw woord gegeven

 

Moment met de kinderen

 

Eerste lezing: Genesis 9: 8-17

 

Tweede lezing: Marcus 1: 12-15

 

Zingen: NL 352: 1, 2 en 5 Jezus, meester aller dingen

 

Preek

 

Orgelspel

Zingen: Oude Hervormde Bundel (1938) gezang 232

 

Neem, Heer, mijn beide handen en leidt Uw kind,
Tot ik aan d’eeuw’ge stranden de ruste vind.
Te zwaar valt m’elke schrede, als ‘k U verlaat.
O, neem mij met U mede, daar waar Gij gaat.

O, doe genaad’ ervaren aan ’t bevend hart,
En breng het tot bedaren bij vreugd en smart.
Laat m’aan Uw voeten rusten, mij, hulp’loos kind,
Vertrouwen en berusten, voor d’ uitkomst blind.

En blijft m' ook soms verborgen uw grote macht,
Gij voert mij tot de morgen, ook door de nacht.
Neem dan mijn beide handen en leid uw kind,
tot ik aan d'eeuw’ge stranden de ruste vind.

 
Gebeden
Collecte

 

Slotlied : NL 909: 2 en 3 Wat God doet dat is welgedaan

 

Zegen: afgesloten met  (3x zingend amen)

 

 

Zondag 25 januari 2015, 3e zondag na Epifanie, kleur groen

voorganger: ds. F. de Hoop organist: dhr. K. Booy

 

Welkom en mededelingen

 

Stil gebed

 

Intochtslied: Psalm 63: 1 en 2 Mijn God, Gij zijt mijn toeverlaat

 

Bemoediging en groet

 

Zingen: Psalm 66: 2 en 3 Kom, zie nu de geduchte daden

 

Gebed

 

Zingen: NL 317 Grote God, gij hebt het zwijgen

 

Moment met de kinderen

 

Schriftlezing: 1 Sam 3: 1-10 en Marcus 1: 14-20

 

Zingen: NL 531: 1 en 3 Jezus die langs het water liep

 

Preek

 

Orgelspel

 

Zingen: NL 837: 1 en 4 Iedereen zoekt U, jong of oud

 

Voorbeden

 

Collecte

 

Zingen: Evangelische liedbundel 295 ‘Wij worden genodigd aan tafel te gaan’

 

Wij worden genodigd aan tafel te gaan,
te vieren met brood en wijn
het feest, zoals Jezus het ook heeft gedaan:
wij willen zijn leerlingen zijn.

Waarom is het feest in de kerk hier vandaag?
Waarom toch die wijn en dat brood?
Het antwoord is evenals toen op die vraag:
Wij werden bevrijd van de dood.

Eens waren wij slaaf, maar God maakte ons vrij
en leidde ons door de woestijn
naar ’t land van belofte. Daar mogen ook wij
weer leren Gods kind’ren te zijn.

Wie leert ons dat beter dan Jezus, de Heer!
Hij zelf heeft het ons voorgedaan.
Al is het vaak moeilijk, toch zullen wij weer
Hem volgen, waar Hij is gegaan.

Totdat eens de dag komt, dat ieder het weet.
Dan zingen de mensen verblijd:
Hij is onze Koning, voorbij is het leed, 
Hij heeft van de dood ons bevrijd!

 

Nodiging

 

Vg:

Als teken van zijn liefde,

voor allen die Hem zoeken,

nodigt de Heer ons aan zijn maaltijd.

Want Hij heeft gezegd:

 

“Komt tot Mij, allen,

die vermoeid en belast zijt,

en Ik zal u rust geven.

Neemt mijn juk op u en leert van Mij,

want ik ben zachtmoedig en nederig van hart,

en u zult rust vinden voor uw zielen.”

 

Brood dat leven geeft

en wijn die het hart verheugt

In deze tekenen wil de Heer met ons zijn.

Komt dan en deelt in zijn overvloed

 

Tafelgebed

 

Vg: De Heer zij met u.

Allen: Zijn Geest in ons midden

Vg: Heft uw harten omhoog

Allen: Wij heffen ons hart op tot God.

Vg: Brengen wij dank aan de Heer, onze God.

Allen: Hij is het waard onze dank te ontvangen.

 

Ja, met recht en met reden,

o God, loven wij Uw Naam,

hier en nu, overal en altijd,

want U hebt ons en alle mensen

betrokken bij de zegening

die U ooit hebt uitgesproken

over Abraham en zijn kinderen.

Duisternis bedekte de aarde,

donkerheid de volkeren – 

toen is uw heerlijkheid verschenen.

Sion straalde in uw licht;

haar zonen en dochters kwamen van verre

U roept ze tot een nieuwe gemeenschap

U nodigt ze aan uw feestmaal.

 

Daarom brengen wij U lof

en eren U, o Koning van de wereld;

met de engelen en aartsengelen,

en met alle getuigen van alle tijden,

uit alle volkeren en naties,

van alle tongen en talen,

zingen wij U toe:

 

(NL 405: 4)

Heilig, heilig, heilig!

Heer, God almachtig hemel,

zee en aarde verhoogt uw heerlijkheid.

Heilig, heilig, heilig!

Liefdevol en machtig,

Drievuldig God, die één in wezen zijt.

 

Vg:

Ja, gezegend is Jezus, die met zijn komst

ons leven met uw Naam heeft verbonden

en met al wat daarin besloten ligt

aan mededogen, liefde en genade;

die ons leven helemaal wilde delen

om alle gerechtigheid te volbrengen

en onze verlorenheid te dragen;

die bondgenoot van de armen wil zijn,

die de geringen eert

en de minsten in zijn hart draagt.

 

Hij heeft op de avond  voor zijn dood 

zijn liefde voor ons bezegeld

met de tekenen van deze gaven,

toen Hij een brood nam,

de dankzegging daarover uitsprak,

het brak en aan zijn leerlingen gaf

met de woorden:

 

Neemt en eet, dit is mijn lichaam

dat voor u gegeven wordt,

doet dit tot mijn gedachtenis.

 

Zo nam Hij ook na de maaltijd de beker

sprak de dankzegging daarover uit

en gaf hem rond met de woorden:

 

Drinkt allen daaruit,

deze beker is het nieuwe verbond in mijn bloed

dat voor u en voor velen vergoten wordt

tot vergeving van zonden.

Doet dit, zo dikwijls u die drinkt,

tot mijn gedachtenis!

 

Als wij dan eten van dit brood

en drinken uit deze beker

verkondigen wij de dood van de Heer

totdat Hij komt.

 

Allen:

Zijn dood gedenken wij,

zijn opstanding belijden wij,

zijn toekomst verwachten wij.

Maranatha: Kom, Heer, kom!

 

Vg:

Schenk ons, o Heer, nu uw Geest

van waarheid, licht en leven;

en bouw ons op tot een lichaam van liefde,

dat samen met uw Zoon

het brood breekt en deelt

met een ieder die kwetsbaar is en moe,

die hongert en dorst naar de gerechtigheid.

 

Want zo, verenigd met heel uw gemeente,

al de uwen, in hemel en op aarde,

loven wij, God van liefde, uw Naam,

zegenen wij, God van genade, uw glorie,

en prijzen wij, God van belofte, uw trouw –

door Hem en met Hem en in Hem,

Jezus Christus, onze Heer,

die ons bijeen zal brengen in uw Rijk

waar wij om bidden met de woorden:

 

Allen:

Onze Vader, die in de hemelen zijt,

Uw naam worde geheiligd;

Uw koninkrijk kome;

Uw wil geschiede,

gelijk in de hemel

alzo ook op aarde.

Geef ons heden ons dagelijks brood;

en vergeef ons onze schulden,

gelijk ook wij vergeven onze schuldenaren;

en leid ons niet in verzoeking,

maar verlos ons van de boze.

Want van U is het koninkrijk,

en de kracht

en de heerlijkheid

tot in eeuwigheid. Amen

 

Delen van brood en wijn

 

Dankzegging

 

Vg:

Dankt de Heer,

want Hij is vriendelijk

Want zijn goedheid duurt in eeuwigheid.

Halleluja

 

Allen:

Loof de Heer, mijn ziel.

En al wat in mij is, zijn heilige Naam.

Loof de Heer, mijn ziel,

en vergeet niet één van zijn weldaden.

Die al uw ongerechtigheden vergeeft,

die al uw gebreken geneest,

die uw leven verlost van het graf,

die u kroont met goedertierenheid

en barmhartigheid.

Loof de Heer, mijn ziel

 

Vg:

Wij danken u, Hemelse vader,

Voor de gaven die we hebben ontvangen

En wij bidden U:

Laat ons in de genade groeien

Om vruchten te dragen van liefde en trouw,

Van vrede en gerechtigheid.

Door Christus, onze Heer.

Allen: Amen

 

Zingen: NL 672: 1 en 7 Komt laat ons deze dag

 

Zegen, afgesloten met 3x Amen

 

Dia 1:

 

1 februari 2015

Pitstop

voorganger: ds. F. de Hoop

i.s.m. Leerlingen en leerkrachten van de Van Haersma-Bumaschool

 

dia 2:

 

Welkom

 

dia 3:             

 

Zingen NL 288 Goedemorgen, welkom allemaal (begeleiding Hans Wempe)

 

Goedemorgen, welkom allemaal.

Ik met mijn en jij met jouw verhaal.

Lachen, huilen, vrolijkheid en pijn.

Alles mag er zijn.

God, ik vraag U, kom in onze kring.

Wees er bij, wanneer ik bid en zing.

Ik met mijn en U met uw verhaal,

verteld in mensentaal

 

dia 4:

 

Levend water

 

 

dia 5:

 

Johannes 4: 1-30, 39-41 (Bijbel in gewone taal): Jezus in gesprek met een Samaritaanse vrouw

 

1De farizeeën hoorden dat Jezus steeds meer volgelingen kreeg, en meer mensen doopte dan Johannes. (Jezus doopte trouwens niet zelf, dat deden zijn leerlingen.)

Toen Jezus ontdekte dat de farizeeën dat gehoord hadden, ging hij weg uit Judea, terug naar Galilea.

 4 Hij moest door Samaria reizen, en kwam bij de stad Sichar. 5 Die stad lag dicht bij het stuk land dat Jakob ooit aan zijn zoon Jozef gegeven had. 6  Bij Sichar was de Jakobsput. Jezus ging bij die put zitten, want hij was moe van de reis. Het was ongeveer twaalf uur 's middags.

 7  Toen kwam er een Samaritaanse vrouw aan. Ze kwam water halen uit de put. Jezus zei tegen haar:

Geef me alsjeblieft iets te drinken.’

8 De leerlingen van Jezus waren op dat moment in Sichar om eten te kopen. De vrouw zei tegen hem:

‘Dat kunt u mij toch niet vragen! Want u bent een Jood en ik ben een Samaritaanse vrouw.”  Joden mogen namelijk niet omgaan met Samaritanen. Jezus zei tegen haar:

 10‘Ik heb jou om water gevraagd. Maar jij weet niet wie ik ben. Je weet niet wat God aan de mensen wil geven. Want als je dat wel geweten had, dan had je mij om water gevraagd! En dan had ik je water gegeven dat eeuwig leven geeft”.

11 ‘Maar meneer, u hebt geen emmer, en de put is diep! Waar wilt u dat water vandaan halen? Kunt u soms meer dan onze voorvader Jakob? Jakob heeft ons deze put gegeven. Hij heeft er zelf water uit gedronken. En ook zijn zonen en zijn dieren hebben uit deze put gedronken

13 ‘Iedereen die water uit deze put drinkt, zal weer dorst krijgen. Maar als je drinkt van het water dat ik geef, krijg je nooit meer dorst. Want het water dat ik geef, blijft altijd in je. Het geeft je het eeuwige leven’

15 ‘Meneer, geef mij dat water! Dan zal ik nooit meer dorst krijgen. En dan hoef ik nooit meer naar de puyt om water te halen!’

16 ‘Ga eerst je man halen, en kom dan terug.’

17 ‘Ik heb geen man.’ 

‘”Precies. Je hebt vijf mannen gehad. En nu leef je samen met iemand die jouw man niet is. Dus wat je zegt is waar.’

 19 ‘Nu begrijp ik dat u een profeet bent! Daarom wil ik u iets vragen. Onze voorouders vereerden God op de berg Gerizim. Maar de Joden zeggen dat je God alleen in de tempel van Jeruzalem mag vereren. Wie heeft er gelijk?

 21 ‘De Samaritanen vereren God zonder hem te kennen. De Joden vereren God en kennen hem. Want de redder van de wereld komt uit het Joodse volk. Geloof me, er komt een nieuwe tijd. Dan wordt God niet meer vereerd op de berg Gerizim of in de tempel van Jeruzalem.

23 In die tijd, die nu al begonnen is, vereren de ware gelovigen God niet meer op één speciale plaats. Want dankzij de heilige Geest kennen zij God, de Vader, echt. Daardoor kunnen zij de Vader vereren op een nieuwe manier, zoals hij het wil.

24 God hoort bij de hemelse wereld. Alleen door de heilige Geest kun je God echt leren kennen. En alleen dan kun je hem op de juiste manier vereren.

25 ‘Ik weet dat de messias, die Christus genoemd wordt, zal komen. Hij zal ons alles over God vertellen.”

26 ‘De messias spreekt met je. Ik ben het.’

27 Op dat moment kwamen de leerlingen terug. Ze waren verbaasd dat Jezus met een vrouw aan het praten was. Maar toch vroegen ze niet: ‘Waarom praat u met haar? Wat wilt u?’

28 De vrouw liet haar waterkruik staan, en ging terug naar de stad. Daar zei ze tegen de mensen:

29 ‘Kom mee! Er is iemand die alles van mij weet. Dat moet de messias zijn!

30 De mensen liepen de stad uit en gingen naar Jezus toe.

 

39 Veel Samaritanen uit Sichar gingen in Jezus geloven. Dat was omdat de vrouw over Jezus gezegd had: ‘Hij weet alles van me.’

40 Ze gingen naar Jezus toe en vroegen hem om bij hen te blijven. Toen bleef Jezus nog twee dagen bij hen.

41 En door alles wat hij vertelde gingen nog veel meer mensen uit de stad geloven. Ze zeiden tegen de vrouw:

Eerst geloofden we in Jezus door wat jij ons vertelde. Maar nu hebben we hem zelf gehoord. En nu weten we zeker dat Jezus de redder van de wereld is!”

 

dia 6:

Zingen opwekking 459 met begeleiding van het You tube filmpje

                        https://www.youtube.com/watch?v=M0-neVfkvXQ

                       

dia 7:

De Kikker en de vreemdeling: filmpje van You tube laten zien

                        https://www.youtube.com/watch?v=F_AC0q0CpFo

 

dia 8:

 

Gebed afgesloten met het gezamenlijk bidden van het gebed dat Jezus ons leerde:

 

Onze Vader die in de hemel zijt,

Uw naam worde geheiligd.

Uw koninkrijk kome.

Uw wil geschiede

Gelijk in de hemel alzo ook op de aarde.

Geef ons heden ons dagelijks brood.

En vergeef ons onze schulden,

gelijk ook wij vergeven onze schuldenaren.

En leid ons niet in verzoeking,

Maar verlos ons van de boze.

Want van u is het koninkrijk

en de kracht,

en de heerlijkheid

tot in eeuwigheid. Amen

 

dia 9

 

Zingen NL 416 Ga met God begeleiding Hans Wempe

 

Ga met God, en Hij zal met je zijn,
jou nabij op al je wegen,
met zijn raad en troost en zegen.
Ga met God, en Hij zal met je zijn.

Ga met God, en Hij zal met je zijn,
bij gevaar, in bange tijden,
over jou zijn vleugels spreiden.
Ga met God, en Hij zal met je zijn.

Ga met God, en Hij zal met je zijn,
in zijn liefde je bewaren,
in de dood je leven sparen.
Ga met God, en Hij zal met je zijn.

Ga met God, en Hij zal met je zijn,
tot wij weer elkaar ontmoeten,
in zijn Naam elkaar begroeten.
Ga met God, en Hij zal met je zijn.

 

 

Dia 10

 

Zegen

 

Dia 11

 

Bij de uitgang collecte voor catechese en educatie door kinderen